Geerlof Haaring: Een Bijzondere ‘s-Gravenzander

Op 26 februari 1885 overleed Geerlof Haaring, een man die alle ‘s-Gravenzanders kenden. Hij was jarenlang in dienst van de gemeente en de kerk (Nederlands Hervormde Kerk). Ondanks zijn ruwe uitstraling stond hij bekend om zijn goedhartigheid en hulpvaardigheid. Zijn verhaal is een prachtig voorbeeld van de uitdrukking ‘een ruwe bolster, een blanke pit’.

Dorpskerk met vlag

Zijn Taken in ‘s-Gravenzande

Geerlof Haaring had een breed scala aan taken binnen de gemeenschap. Hij was verantwoordelijk voor de straatreiniging en haalde meerdere keren per week met zijn kar de as van het haardvuur op bij de inwoners. In de winter moest hij ijs bijten in de Vaart om bluswater te hebben en strooide hij zand op de straten bij gladheid.

Waagmeester en Voorjaarswerk

Geerlof fungeerde ook als waagmeester, waarbij hij de varkens van tuinders woog in de stadswaag wanneer deze verkocht werden. In het voorjaar boende hij de gevels en maakte hij de dakgoten schoon. Daarnaast was het zijn taak om regelmatig de beerputten bij de inwoners leeg te maken, wat hij pas na 22:00 uur deed vanwege de stankoverlast.

Kerkdiensten en Feestelijkheden

Op zondag begon zijn werkdag al voor dag en dauw. Hij veegde de straten rond de dorpskerk schoon, luidde de klok en opende de kerkdeuren. ’s Winters stak hij de verlichting in de kerk aan voor de avonddienst. Bij feestelijkheden hing hij de vlag van de toren van de dorpskerk.

Onvermoeibaar en Hulpvaardig

Ondanks zijn drukke schema vond Geerlof nog tijd om ’s nachts te vissen. Een bekende anekdote vertelt hoe hij, ondanks ziekte, meteen weer aan het werk ging toen hij hoorde dat er een schip op het strand was gestrand. Zijn verantwoordelijkheidsgevoel voor het helpen van schipbreukelingen en het bewaken van gestrande goederen was ongeëvenaard.

Bericht uit 1885

Een oude krant uit 1885 beschreef Geerlof als een man die sterker en taaier was dan de meeste mensen. Hij had talloze verantwoordelijkheden binnen de gemeenschap en klaagde zelden over de zware lasten die hij droeg. Hij snoeide en rooide bomen, verzorgde het plantsoen van de kerk en sorteerde manden tijdens het drukke aardappelseizoen.

In de registers van den burgerlijken stand is het overlijden ingeschreven van Geerlof Haaring, een man, dien velen beschouwden als sterker dan de sterkste en taaier dan de taaiste. De ruwe, ronde Geerlof is niet meer.
Jaren lang was Geerlof in dienst van gemeente en kerk. De straatreiniging was aan hem opgedragen, het maken van bijten in het ijs, het uitsteken van de vlag uit den toren was zijn werk. Stak er een storm op uit het westen, dan liep Geerlof langs het strand, om daar te zorgen voor alles, wat de zee aanbracht. Moesten de gestrande goederen bewaakt worden, Geerlof was de waker, en ’t zou lang duren, eer hij klaagde, dat zijn oogleden zwaar werden. Geen lijk werd begraven, of Geerlof had het graf gemaakt. De boomen van de gemeente en van menigen particulier werden gesnoeid, gehakt en gerooid door hem. In de kerk was hij deurwachter, klokluider, lichtopsteker; het plantsoen van de kerk werd door hem verzorgd. En alsof dat aantal baantjes nog niet groot genoeg was, bekleedde hij bovendien een post, die hem tot een gewichtig man maakte in den drukken aardappelentijd. Voordat iemand anders op was, dikwijls reeds om half een of een ure, was Geerlof op de Vaart aan ’t uitzoeken van de honderden leege kinnetjes (kleine manden waarin de aardappelen verzonden werden), die uit Rotterdam en Amsterdam teruggezonden worden. Alle manden te sorteeren naar de letters en verfstree-pen, in die vreeselijke wanorde de orde te brengen, waaruit iedere tuinder zijn hoopje bijeen kon vinden, dat deed Geerlof en dat deed hij zoo, dat menigeen bedrukt aan zijn buurman vraagt: “wie zal nu voortaan onze kinnetjes uitzoeken”.

’s Gravenzande dd. 5 Maart 1885.

Zijn Groot Hart

Geerlof was niet alleen sterk, maar ook edelmoedig. Hij ondersteunde vaak armere inwoners en was verontwaardigd wanneer hij niet de kans kreeg om bij te dragen aan collectes voor de armen. Ondanks zijn ruwe uiterlijk toonde hij vaak zijn grote en edele hart.

Zijn Laatste Jaren

In zijn laatste jaren verzwakte Geerlof aanzienlijk. Na een beet van een pieterman (een zeevis) klaagde hij over zijn naderende einde. Zijn onvermoeibare inzet had zijn krachten ondermijnd. Een anekdote uit zijn jongere jaren vertelt hoe hij een rit op de bok van de diligence afwees omdat hij geen tijd had.

Nagedachtenis

Geerlof Haaring is 65 jaar oud geworden. Hoewel hij nu rust in vrede, zal zijn herinnering nog lang voortleven onder de inwoners van ‘s-Gravenzande. Zijn verhaal blijft een inspiratie voor iedereen die hoort over zijn leven en werk.


Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *